Free shipment on orders of € 150,- and more (within EU)

De complexiteit van mode omarmen: Het ontleden van systematische bevooroordeling

Would you like to read this blog in English? Click here for the English version.

Het veranderen van het huidige systeem in de modewereld is een continu proces. Dit vereist continu aan- en afleren, continue aanpassing aan de gang van zaken en bewust denken over inclusiviteit. Nu wij als merk al een tijd enige afstand hebben genomen van het huidige modesysteem, hebben we besloten om kritisch en bewust naar onszelf te kijken en de complexiteit van mode te omarmen, met als doel een respectvol ontwerpproces te implementeren.

Al onze items zijn ontworpen om door elk mens gedragen te kunnen worden, zonder een specifiek genderoogmerk. Het is simpelweg kleding voor mensen. Om mode op een positieve manier in te zetten voor mens, maatschappij en milieu is één van de primaire doelen bij Hul le Kes. Zodoende wordt niet alleen rekening gehouden met klanten of de mensen die onderdeel uitmaken van het productieproces, maar juist ook met die mensen die nog steeds de lasten dragen van het huidige systeem. Zij die door uitbesteedde productie onder armzalige omstandigheden moeten werken en zij voor wie de klimatologische lasten direct hun omgeving bederft.

Wanneer iemand het heeft over de misstanden in het huidige modesysteem, wordt milieuvervuiling aangekaart, net als materiaalverspilling en arbeidsuitbuiting. Wat doorgaans wordt ontgaan is dat deze opofferingszones veel complexer en samenhangender zijn dan eerder werd gedacht. Volgens antropoloog Sandra Niessen, slaat de term duurzaamheid niet alleen op de ecologische voetafdruk, maar heeft ze ook te maken met rassenongelijkheid. In haar essay, Fashion, its Sacrifice Zones, and Sustainability, onderzoekt Niessen de grotendeels verborgen etnische bevooroordeling in de modewereld en kaart zij een belangrijk begrip aan – Sacrifice Zones (opofferingszones).

Niessen beschrijft, dat opofferingszones grondstofrijke stukken land zijn die doorgaans geassocieerd worden met etnische minderheden. De zones worden als overbodig gezien en worden daarom uitgebuit voor economisch gewin. Het gebruik van opofferingszones in de modewereld bouwt voort op de westerse definitie van mode. Die definitie kan teruggeleid worden tot een Duitse filosoof, Georg Simmel (1858 – 1918). Uiteengezet in diens paper Fashion, zag Simmel mode als de wens voor imitatie en differentiatie. Hij zag verandering, als de kern van mode. “Fashion does not exist in tribal and classless societies.” Aldus Simmel. Dit idee heeft mode en hiërarchie onlosmakelijk verbonden. Bovendien vormt deze gedachtegang nog steeds een grotendeels geaccepteerde hoeksteen in de modewereld.

Eurocentrisme en white supremacy liggen aan de kern van Simmel’s definitie van mode. Zijn definitie linkt Het Westen aan mode, en sluit zo ‘De Anderen’, uit als mode. Een inmiddels historisch document dat inzicht geeft in het destijdse gedachtegoed, maar wat helaas nog niet door iedereen als zijnde geschiedenis wordt gelezen. Ondersteund door een koloniaal verleden en diens invloed, worden culturen die niet classificeren als mode als opofferingszones bestempeld.Een opofferingszone omvat niet alleen arbeidsuitbuiting maar ook overexploitatie van grondstoffen als wel het verlies van de lokale ambacht, cultuur en traditie. Zoals Niessen beschrijft, omvat de expansie van de westerse modemarkt veel meer dan alleen het spreiden van het westerse modebeeld. Ze omvat ook een toenemende afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en dwingt een weg van lokale kennis en systemen voor de productie van kleding naar het model van een gecentraliseerde plantage-economie. Inheemse systemen omtrent kleding zijn opgegeven om de arbeidskracht te vergroten. Door de stroom van mensen richting fabrieken sterft lokale kennis en ambacht uit. Deze onderwerpen zijn tot dusver achterwege gelaten in de modediscussie. Deze opofferingszones zijn de harde realiteit waarmee de modewereld te maken heeft en dwingen ons tot fundamentele verandering.

Om de complexiteit binnen de modewereld te omarmen en systematische bevooroordeling af te bouwen, zijn bedachtzame handelingen even belangrijk als betekenis schenken aan de kleding zelf. We willen meer dan alleen hoop geven, we willen echte veranderingen binnen de industrie.

Een lokaal systeem opzetten is cruciaal in het minimaliseren van onze eco-voetafdruk, nog belangrijker, dit zou de opofferingszones verwijderen. Sinds onze betrokkenheid bij The Linen Project, leren en delen we kennis over lokale linnenproductie. Hul le Kes is niet van plan zijn zaken conventioneel te runnen. We willen ook niet slechts een verminderende consumptie aanmoedigen en een hoger arbeidsloon terwijl het systeem in stand blijft. Het is het systeem zelf, dat we willen veranderen. Daarom wordt alles bij Hul le Kes lokaal geproduceerd. Hul le Kes gebruikt antiek linen, afgedankte kledingstukken, of overstock van andere bedrijven om zijn eigen productie te draaien zonder daar direct nieuwe stof voor te hoeven winnen.

De Hul le Kes Reshared collectie is het resultaat van Hul le Kes die de handen ineen heeft geslagen met het Leger des Heils (ReShare Store). Kleding door hen ingezameld, die niet verkocht kan worden vanwege schade of verkleuring wordt nieuw leven ingeblazen. Door Sjaak, Sebas en de rest van het team worden deze items uitgezocht, gerepareerd en opnieuw in de verf gestoken. Mocht de verf vervagen biedt Hul le Kes ook een Dyeing Service aan, zodat het stuk niet afgedankt hoeft te worden maar simpelweg opnieuw kan worden geverfd. Zo gaan Hul le Kes en het Leger des Heils samen overproductie tegen.

Er wordt inmiddels veel waarde gehecht aan de traceerbaarheid van voedsel. Traceerbaarheid levert transparantie en zekerheid. De mogelijkheid om voedsel te volgen bij elke stap, van oogst tot distributie, is cruciaal om zicht te krijgen op duurzaamheid, arbeidsomstandigheden en mensenrechtenclaims. Diezelfde transparantie in de productiecyclus is nodig voor een verandering van de modewereld. Een streven van Hul le Kes is dan ook dat de klant inzicht kan hebben in de totale cyclus van een kledingstuk.

Hul le Kes probeert zich zo bewust mogelijk op te stellen tegenover de wereldwijde mensonterende bedrijfsmentaliteit, overgebleven uit de koloniale tijd en moderniteit. Om vanuit ons eigen bedrijf te vechten tegen de misstanden in de mode en zo te laten zien dat het anders kan. Hoe dan ook hebben we nog veel te leren, verbeteren en te ontdekken. Graag willen we uiteindelijk een systeem dat niet alleen geen schade oplevert, maar restauratief is. Het is een behoorlijke opgave om de complexiteit van de modewereld te doorgronden, maar die verantwoordelijkheid is er nou eenmaal. Mode zou iets moeten zijn dat persoonlijk karakter uitdraagt. Om die reden zouden trends en tradities weer lokaal moeten zijn. Dit betekent niet dat we de geglobaliseerde wereld verwerpen, maar dat we ruimte willen bieden voor individuele uitdraging.

Do you want to help us change the global fashion system? Or would you like to comment on this blog? Feel free to send me an email.

 

Wei Chi Su is a master student at ArtEZ Fashion Strategy. She is now working as an intern at Hul le Kes. During her time here, she wishes to research and rethink fashion’s relationship with feminism, racism, human rights, and gender identity. She sees design as a form of intangible communication and fashion as one of it is the most intimate to our bodies and probably our lives. Coming from Taiwan, a country that has an uncertain international status, she feels deeply connected with the feeling of not getting the equality most people are taken for granted. Seeking a way to express her concern, she finds fashion as the most comfortable form for her to express her thoughts.




Share this post